Groep7, werkwoordpakket 1
b. roepen, zoeken
1. Vul de persoonsvorm in de tegenwoordige tijd in.
Breken
Ik
Wij
Hij
Klimmen
Wij
Ik
Hij
Verliezen
Hij
Wij
Jij
Zoeken
Ik
Hij
Wij
2. Zet elke persoonsvorm in de goede rij.
begrijpen - bezoek - verdenkt - bezoeken - verdenken - verdenk - bezoekt - begrijpt - begrijp
Ik-vorm
Jij/hij-vorm
Wij-vorm
3. Vul enkelvoud of meervoud in.
Enkelvoud Meervoud
Ik breng een bezoek aan oma. Wij
een bezoek aan oma.
Het kind
een brood. De kinderen kopen een brood.
Han duikt in het water. Han en Saskia
in het water.
Jij
door de tunnel. Jullie kruipen door de tunnel.
Controleer
OK