Groep 4, woordpakket 6
Woorden met ij
bijbel blijk gelijk gordijn grijs ijver ijzer kwijt opzij partij pijn pijp prijs rijk rijtuig spijt voorbij vrij wijk
1. De priester leest voor uit de
.
2. Dit hier is een
van vriendschap.
3. Ik vind dat jij
hebt.
4. Er hangt een mooi
voor het raam.
5. De kleur van deze olifant is
.
6. Hij werkt met veel
aan zijn werk.
7. Deze vork is van
gemaakt.
8. Ik kan mijn potlood nergens vinden, ik denk dat ik hem
ben.
9. Ga eens even
, je staat in de weg.
10. Voor welke
ben jij?
11. Ik kan moeilijk lopen. Ik heb
aan mijn been.
12. De rat van mijn vriend valt zo in de
van mijn broek.
13. Ik heb de wedstrijd gewonnen, nu krijg ik een
.
14. Ik heb de loterij gewonnen, nu ben ik
.
15. Ik heb een auto, hij heeft een fiets en wat voor
heb jij?
16. Ik heb
van wat ik heb gedaan.
17. Ik ben blij dat dit
is.
18. Deze stoel is niet bezet, hij is nog
.
19. Ik woon in deze
van de stad.
Kijk na
Tip
OK